Naar de inhoud
synqo

Een logo laten ontwerpen: welke bestanden en formaten horen erbij?

10 min leestijd Branding en design

Kort antwoord

Een logo bestaat in de praktijk uit meer dan één bestand. Vraag een vectorbestand dat u zonder kwaliteitsverlies kunt vergroten, afbeeldingen voor op een scherm, en de versies die u nodig heeft: in kleur, in zwart-wit, negatief voor een donkere achtergrond en een kleine variant. Vraag ook naar de ruimte rond het logo en de minimale grootte. Welke bestandstypen precies, hangt af van waar u het logo gebruikt.

Waarom heeft u meer dan één logobestand nodig?

Een logo komt op heel verschillende plaatsen terecht: op een visitekaartje en op een gevelbord, in de hoek van een website en in een mailhandtekening, op een factuur en op een profielfoto. Elke plek stelt andere eisen aan het bestand. Eén afbeelding die op de ene plek goed oogt, kan op de andere onscherp, te groot of onleesbaar worden.

Daarom hoort er bij een logo een kleine verzameling bestanden: in verschillende bestandstypen, in verschillende versies en met een korte uitleg over het gebruik. Wie dat vooraf weet, kan er bij het ontwerp om vragen, in plaats van er later achteraan te lopen.

Wat is het verschil tussen een vectorbestand en een afbeelding?

Logobestanden zijn er in twee soorten:

  • Een vectorbestand beschrijft het logo met lijnen, vlakken en kleuren, als een bouwtekening. U kunt het zo klein of zo groot maken als u wilt, zonder dat het wazig wordt. Een gevelbord en een visitekaartje komen uit hetzelfde bestand.

  • Een afbeelding (een rasterbestand) bestaat uit een rooster van kleine puntjes, de pixels. Ze heeft een vaste grootte. Maakt u ze groter dan ze is, dan worden de puntjes zichtbaar en het logo wazig of blokkerig.

Het vectorbestand is het hoofdbestand, de bron waaruit alle andere afgeleid worden. Een afbeelding maakt u daaruit voor een bepaald gebruik, in een bepaalde grootte. Omgekeerd lukt het vaak niet: uit een kleine afbeelding is een goed vectorbestand moeilijk terug te halen.

Welke bestandstypen komen er vaak bij een logo voor?

Deze types komen vaak voor:

  • SVG, PDF of EPS voor het vectorbestand. SVG wordt vaak gebruikt voor schermen en websites, PDF en EPS vaak voor drukwerk en om door te geven aan een drukker.

  • PNG voor een afbeelding met een doorzichtige achtergrond, bijvoorbeeld om het logo op een gekleurd vlak of een foto te zetten.

  • JPG voor een afbeelding met een gewone, meestal witte achtergrond. Het is licht, maar het kent geen doorzichtigheid.

  • WebP voor een lichte afbeelding op een website, waar de bezoeker geen groot bestand moet laden.

Vraag aan de drukker, aan wie uw website bouwt en aan wie uw presentaties maakt welke bestandstypen ze nodig hebben, en geef dat door aan de ontwerper.

Welke versies van het logo horen erbij?

Een logo is zelden één afbeelding. Het moet het kunnen volhouden op een witte, een gekleurde en een donkere achtergrond, groot en klein. Denk aan:

  • De versie in kleur. Dit is de hoofdversie, voor een witte of lichte achtergrond.

  • Een versie in zwart-wit of in één kleur. Handig voor een stempel, een kopie in zwart-wit of een gravure, en voor plekken waar kleur niet kan.

  • Een negatieve versie. Het logo in wit of in lichte kleuren, voor een donkere achtergrond of een foto.

  • Een liggende en een staande opstelling. Staat de naam naast het symbool of eronder? Sommige plekken zijn breed en laag, andere hoog en smal.

  • Een kleine variant. Een vereenvoudigde versie of alleen het symbool, voor een klein formaat zoals een pictogram in een browsertabblad of een profielfoto, waar fijne details verdwijnen.

Heeft een logo een vast symbool, bepaal dan of dat symbool ook los gebruikt mag worden. Een vierkante variant van het symbool is vaak handig, omdat een profielfoto meestal vierkant of rond wordt bijgesneden.

Welke formaten heeft u nodig voor drukwerk?

Drukwerk vraagt scherpte en de juiste kleuren. Daarom is het vectorbestand hier meestal het uitgangspunt: een drukker kan het vaak op elk formaat gebruiken. Enkele aandachtspunten:

  • Het bestandstype. Een drukker vraagt vaak een PDF of een vectorbestand. Vraag de drukker welk type nodig is voordat u iets doorstuurt.

  • De kleuren. Drukwerk werkt meestal met inkten, aangeduid met een CMYK-waarde of een kleurnaam uit een vast kleurenstelsel. Schermkleuren (RGB) kunnen er op papier anders uitzien. Let erop dat de kleurcodes voor druk bij het logo horen.

  • Een afbeelding op een affiche of gevelbord. Een kleine afbeelding die u groot afdrukt, wordt wazig. Gebruik dan het vectorbestand.

  • Een proefdruk. Bij een grote oplage loont het om eerst een proef te laten drukken en de kleuren te controleren.

En welke formaten voor schermen en websites?

Op een scherm tellen laadtijd en scherpte. Hier gebruikt u vaak:

  • SVG voor het logo op een website: scherp op elk scherm en meestal licht.

  • PNG met een doorzichtige achtergrond voor een mailhandtekening, een presentatie of een plek waar SVG niet werkt.

  • Een grotere afbeelding voor een scherm met een hoge resolutie, zodat het logo niet wazig oogt op een telefoon of een nieuw scherm.

  • Een vierkante afbeelding voor profielfoto's op sociale media, en een heel klein pictogram voor het tabblad van de browser.

Wie een website laat bouwen, vraagt aan de bouwer welke bestanden die nodig heeft. Meer over websites leest u op de pagina websites. Het helpt als het vectorbestand al klaar staat, zodat niemand een logo hoeft na te tekenen of uit een screenshot te knippen.

Wat zijn vrije ruimte en minimale grootte?

Twee afspraken die een logo leesbaar houden.

  • De vrije ruimte. Rond het logo blijft een zone leeg: geen tekst, geen rand, geen ander beeld. Zo valt het op en loopt het niet in iets anders over. Een ontwerper geeft die ruimte vaak aan in een eenheid die uit het logo zelf afgeleid is, bijvoorbeeld de hoogte van een letter.

  • De minimale grootte. Onder een bepaalde grootte verdwijnen details en wordt tekst onleesbaar. Dat punt verschilt per logo. Een afspraak over de kleinste maat, op papier en op een scherm, voorkomt dat iemand een logo plaatst waar het niet meer werkt. Past het logo daar niet, dan is de kleine variant bedoeld.

Zet beide afspraken op papier, naast het logo, in de gebruiksregels van uw huisstijl. Wat dat verder omvat, leest u in wat zit er in een huisstijl, en wat heeft u eerst nodig?

Hoe gebruikt u een logo zonder het te beschadigen?

Een paar fouten zijn eenvoudig te vermijden.

  • Rek het logo niet uit en druk het niet samen. Schaal het liefst evenredig.

  • Verander de kleuren niet naar eigen smaak. Gebruik de versies die er zijn.

  • Zet het logo niet op een drukke foto. Gebruik de negatieve versie op een donkere achtergrond, of kies een rustiger plek op de foto.

  • Voeg geen schaduw, rand of effect toe dat niet bij het ontwerp hoort.

  • Plaats geen ander element binnen de vrije ruimte.

Wat vraagt u een ontwerper te bezorgen?

Dit is een lijst om mee te nemen als u met een ontwerper praat, zodat u weet waarover het gaat.

  1. Het logo als vectorbestand, in een bestandstype dat u zonder speciaal programma kunt openen.

  2. De afbeeldingen die u dagelijks nodig heeft, met een doorzichtige achtergrond waar dat past.

  3. De versies: kleur, zwart-wit of één kleur, negatief, een liggende en een staande opstelling en een kleine variant.

  4. De kleurcodes voor scherm en voor druk.

  5. De lettertypen die bij het logo horen, of de afspraak dat de letters in het logo zijn omgezet naar vormen, zodat u geen lettertype nodig heeft om het logo te openen.

  6. Een korte uitleg over de vrije ruimte, de minimale grootte en wat niet mag.

  7. De bronbestanden, de werkbestanden van de ontwerper, voor wie er later iets aan wil aanpassen.

Let ook op hoe u ze krijgt: in een map met duidelijke namen en niet verspreid over mails. En bespreek wat u met het logo mag doen, bijvoorbeeld op drukwerk en op een website.

Waar bewaart u de logobestanden?

Een logo dat alleen in een oude mail staat, wordt snel een probleem. Zorg voor één plek die u terugvindt en die anderen kunnen bereiken:

  • Eén map met duidelijke namen. Zet in de naam wat het is: de versie, het type en het gebruik.

  • Eén actuele versie. Een oude versie die u bewaart, krijgt een eigen map met een naam die zegt dat ze verouderd is.

  • Een kopie op een tweede plek. Een reservekopie op een andere schijf of in een andere online opslag voorkomt dat u alles kwijt bent met één kapotte computer.

  • Wie erbij kan. Weet wie toegang heeft, en geef de map door wanneer iemand anders uw drukwerk of website bouwt.

Stuur een logo liever niet via een berichtendienst of een screenshot door. Een bestand kan onderweg verkleind worden, waardoor wie het ontvangt een wazige versie krijgt.

Een volledige verzameling is niet altijd nodig. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer:

  • uw naam zelf het logo is, geschreven in één lettertype en één kleur

  • u het logo alleen op een website, in een mail en op een klein aantal documenten gebruikt

  • u nog niet zeker bent of uw naam of koers blijft zoals hij is

Dan zijn een vectorbestand, een afbeelding met een doorzichtige achtergrond en een versie in wit vaak al genoeg. Maak ze wel in een goed bestandstype en bewaar ze netjes. Wat u later nog nodig heeft, kunt u toevoegen. Een ontwerper loont pas wanneer het logo op veel verschillende plekken moet werken, als er een symbool bij hoort of als het onderdeel wordt van een groter geheel.

Een logo is een van de vier onderdelen van branding en grafisch ontwerp bij synqo: logo, huisstijl, drukwerk en UX/UI. Het is een los product, ook zonder website. De prijs is op aanvraag, afgestemd op uw mogelijkheden en uw budget; wat dat voor uw bedrijf betekent, hoort u als u contact opneemt. Wat er onder valt, leest u op de pagina branding en grafisch ontwerp.

Nog vragen?

Veelgestelde vragen

Welk bestand heb ik nodig voor een visitekaartje of een gevelbord?

Meestal een vectorbestand, omdat het zonder kwaliteitsverlies op elk formaat bruikbaar is. Vraag de drukker welk bestandstype hij wil, want dat kan per drukker verschillen.

Wat is het verschil tussen SVG, PNG en JPG?

SVG is een vectorbestand: scherp op elke grootte. PNG en JPG zijn afbeeldingen met een vaste grootte. PNG kan een doorzichtige achtergrond hebben, JPG niet. Voor een logo op een website is SVG vaak de eerste keuze, PNG de tweede.

Waarom heb ik een negatieve versie van mijn logo nodig?

Een logo in donkere kleuren is moeilijk leesbaar op een donkere achtergrond of een foto. Een negatieve versie in wit of lichte kleuren lost dat op.

Wat is de vrije ruimte rond een logo?

De vrije ruimte is de zone rond het logo die leeg blijft: geen tekst, geen rand, geen ander beeld. Ze houdt het logo leesbaar en herkenbaar. Een ontwerper kan ze opnemen in de gebruiksregels.

Kan ik een logo uit een afbeelding terug naar een vectorbestand laten omzetten?

Soms, maar het resultaat is zelden zo goed als het origineel. Een ontwerper kan het logo vaak opnieuw tekenen. Vraag bij een nieuw logo liever meteen om het vectorbestand, zodat u het niet hoeft te reconstrueren.

Waar bewaar ik de bestanden van mijn logo?

In één map met duidelijke namen, met één actuele versie, een kopie op een tweede plek en een vaste regel over wie erbij kan. Geef de map door aan wie uw drukwerk of website maakt.

Moet ik de bronbestanden van de ontwerper vragen?

Het is verstandig. Ze laten later iemand iets aanpassen zonder opnieuw te beginnen. Bespreek ook of u ze mag krijgen en in welk bestandstype.

Een logo laten ontwerpen?

Beschrijf wat u nodig heeft. Branding en grafisch ontwerp heeft een prijs op aanvraag.